Schadevergoeding naar aanleiding van een fout in een contract.

Is de verrijking gebaseerd op een overeenkomst?

Een recente rechtszaak over ongerechtvaardigde verrijking

Mareille Tol, Senior Bedrijsjurist en oprichter 0900-Jurist. Gepubliceerd op: 22 juli 2026
Auteur: mr. Mareille Tol

Wanneer je als ondernemer een jurist of advocaat betaalt om de afspraken met een zakenpartner neer te leggen in een contract, verwacht je dat dit goed gebeurt.
Wat nu als er een fout is gemaakt door de advocaten, de zakenpartner wordt verrijkt als gevolg van de fout en de zakenpartner zijn mond houdt? Onredelijk, zou je zeggen. Probeer maar eens in een gerechtelijke procedure hard te maken dat het niet de bedoeling was om het contract op te stellen zoals het is ondertekend.

Hierna wordt een zaak beschreven waarin een partij schadevergoeding eist naar aanleiding van een fout in een contract. Deze publicatie start eerst met een korte uitleg van ongerechtvaardigde verrijking.

Inhoud:

 

Wat is ongerechtvaardigde verrijking?

Ongerechtvaardigde verrijking is opgenomen in het Burgerlijk Wetboek in artikel 6:212. Iemand die zonder redelijke grond (ongerechtvaardigd) en ten koste van een ander is verrijkt, moet de schade van die ander op grond van artikel 6:212 BW vergoeden tot het bedrag van de verrijking. De schadevergoeding die de verarmde partij toekomt, wordt door de rechter naar redelijkheid vastgesteld.

Als twee mensen bijvoorbeeld een schenkingsovereenkomst hebben gesloten, wordt degene die de schenking ontvangt met redelijke grond verrijkt. De schenker is wel verarmd, maar dit gebeurde met zijn instemming. Die instemming ontbreekt bij ongerechtvaardigde verrijking. De volgende zaak verduidelijkt de impact die ongerechtvaardigde verrijking op de verarmde partij kan hebben.

 

Uitspraak Rechtbank Amsterdam 24 juni 2026

In deze zaak is een te lage koopprijs betaald voor aandelen in een onderneming. Verkoper heeft zich vergist en vraagt daarvoor een compensatie van koper. Koper weigert dit. Dit is een vreemde reactie nu de vergissing vrij duidelijk was, gezien de werkelijke bedoelingen van koper en verkoper bij het sluiten van de overeenkomst.

Wat waren in deze zaak nu precies de feiten en omstandigheden? In 2022 koopt koper aandelen in een BV (hierna: de “Vennootschap”) van verkopers, zijnde: twee natuurlijke personen en een BV (de BV hield het overgrote deel van de aandelen, hierna genoemd: “Verkoper”). Partijen spreken af dat de kosten van een toegezegde bonus (verband houdende met de verkoop van de aandelen) aan een werknemer voor rekening zouden blijven van verkopers en van de waarde van de aandelen in de Vennootschap zouden worden afgetrokken. Het bedrag van de bonus werd vastgesteld op € 188.103,00, waarvan € 104.134,00 aan loon- en inkomstenbelasting.

Een bijlage van de koopovereenkomst bevatte de berekening van de voor de aandelen in de Vennootschap te betalen koopprijs (de “fund flow”). In die berekening hebben partijen natuurlijk ook de bedragen verwerkt die in mindering moesten worden gebracht op de waarde van de aandelen in de Vennootschap. Partijen nemen daarin per abuis op dat € 188.103,00 de “Transaction bonus” is en € 104.134,00 “Taxes/social charges due on tx bonus” is, waardoor de totale kostprijs € 292.237,00 wordt en dit laatste bedrag ook in mindering wordt gebracht op de waarde van de aandelen.

Partijen hebben in de koopovereenkomst het volgende opgenomen over het wijzigen van het contract:

(…)

Each Party waives, to the fullest extent permitted by the Law, its rights:

(…)

(c) to nullify (vernietigen) or request amendment of this Agreement pursuant to Section 6:228 and Section 6:230 respectively of the Dutch Civil Code or on any other ground under Dutch law or under any other law.

(…)

Na de overdracht van de aandelen in de Vennootschap komt de accountant er in 2024 achter dat de fund flow een fout bevat en dat tot de kosten van de bonusbetaling 2x belasting is gerekend.

Kort na de constatering van de accountant wordt contact gezocht met koper en vraagt Verkoper om compensatie van deze fout. Verkoper geef aan dat koper ten koste van haar tot een bedrag van meer dan 104K ongerechtvaardigd is verrijkt. Koper ziet geen aanleiding om op de afspraken in de koopovereenkomst terug te komen.

Met haar betoog stapt Verkoper naar de rechter en stelt een vordering in op grond van ongerechtvaardigde verrijking. Koper komt in verweer en geeft aan dat de vordering van Verkoper in wezen neerkomt op een vordering tot aanpassing van de koopprijs voor de aandelen in de Vennootschap. De mogelijkheid tot aanpassing van de overeenkomst is echter in de koopovereenkomst door partijen uitgesloten. Ook geeft koper aan dat er geen sprake is van ongerechtvaardigde verrijking, nu partijen bewust hebben ingestemd met de bepalingen van de koopovereenkomst en met de inhoud van de fund flow. De gestelde vergissing in de fund flow is volgens koper het gevolg van een fout van de adviseur van Verkoper en dient voor risico van Verkoper te komen.

Verkoper start een gerechtelijke procedure en vraagt de rechtbank om een oordeel te vellen. De rechtbank is van mening dat wel degelijk een beroep kan worden gedaan op ongerechtvaardigde verrijking van koper ten koste van Verkoper en wijst de vordering van Verkoper toe. Artikel 6:212 lid 1 Burgerlijk Wetboek verplicht namelijk degene die ten koste van een ander ongerechtvaardigd is verrijkt, voor zover dit redelijk is, de schade van de andere partij te vergoeden tot het bedrag waarvoor de bevoordeelde partij is verrijkt. Er moet dus sprake zijn van een verrijking, een verarming, voldoende causaal verband tussen verrijking en verarming en het ontbreken van een rechtvaardiging voor de verrijking. Ook moet de verplichting tot betaling van schadevergoeding redelijk zijn.

Wat betreft de rechtvaardiging voor de verrijking oordeelt de rechtbank:

Ten aanzien van het ontbreken van een rechtvaardiging voor de verrijking geldt het volgende als uitgangspunt. Indien de verrijking berust op een rechtshandeling (zoals een overeenkomst) is de verrijking in beginsel gerechtvaardigd. Voor het antwoord op de vraag of de vermogensverschuiving die met een overeenkomst tot stand kwam in een concreet geval gerechtvaardigd is, is de partijbedoeling maatgevend (HR 23 september 2005, ECLI:NL:HR:2005:AT2620, NJ 2006/100 inzake [naam 5]/Sint Willibrordus Stichting). Een verrijking die niet door partijen was beoogd kan ondanks het bestaan van een overeenkomst een grond zijn voor een vordering uit hoofde van ongerechtvaardigde verrijking. Echter, indien de verrijking niet is beoogd door de verarmde partij, maar de wederpartij hiervan redelijkerwijze wel mocht uitgaan, is sprake van een gerechtvaardigde verrijking en moeten wil en gerechtvaardigd vertrouwen aan elkaar gelijk worden gesteld (vgl. artikel 3:35 BW). (..)

De rechtbank acht de koopovereenkomst in casu echter geen rechtvaardiging voor de verrijking omdat het hier ging om een evidente vergissing; het bonusbedrag en het bedrag van de loonheffing zijn niet juist opgenomen in het contract. Verkoper heeft niet beoogd het bedrag van € 292.237,00 in mindering te brengen op de koopprijs voor de aandelen en heeft hiermee ook niet bewust ingestemd; alleen het bonusbedrag zou in mindering worden gebracht.

Een schadevergoeding van koper aan Verkoper vindt de rechtbank ook redelijk. Beide partijen en hun adviseurs hebben zich intensief met de inhoud van de fund flow beziggehouden en toch hebben ze de vergissing over het hoofd gezien. Het zou niet redelijk zijn om de vergissing voor risico van Verkoper te laten komen, temeer nu vaststaat dat de Vennootschap de verschuldigde belasting eenmalig heeft ingehouden en betaald.

 

Conclusie

Hoewel rechters contracten tussen twee professionele partijen eerder zullen uitleggen op basis van de letterlijke tekst, wordt er toch altijd gekeken naar de partijbedoelingen, wat partijen redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten en overige omstandigheden van het geval. Als de letterlijke uitleg van het contract leidt tot een resultaat dat volstrekt onredelijk is en leidt tot ongerechtvaardigde verrijking van een van de partijen, zal de rechter afwijken van de taalkundige uitleg en komen tot een redelijker oordeel.

 

Heeft u vragen?

U kunt voor meer informatie over ongerechtvaardigde verrijking of gelieerde onderwerpen kunt u contact opnemen met 0900-jurist op telefoonnummer 0900-8090. U krijgt direct een senior bedrijfsjurist aan de lijn die jarenlang werkte als advocaat en bedrijfsjurist.

 

 

Lees verder:

Koopovereenkomst aandelen →

Bekijk ook:

Start uw vraag →

Document nakijken →

Offerte aanvragen →

Blijf op de hoogte van juridische ins & outs

Ontvang net als vele andere ondernemers onze gratis Juridische Updates 🎯

  

Specialismen: